Cliëntondersteuning belangrijke hulp, maar nog niet goed vindbaar

Het RIVM heeft in kaart gebracht hoe het er voor staat met de vraag, het aanbod, de bekendheid en kwaliteit van cliëntondersteuning in Nederland.

Als mensen eenmaal een cliëntondersteuner aan hun zijde hebben, zijn ze daarmee goed geholpen. Het ontlast hen dat er iemand meekijkt en weet welke wetten en regels er gelden, zeker bij complexe zorgvragen. Alleen weten veel mensen niet dat ze een cliëntondersteuner kunnen krijgen en hoe ze ermee in contact kunnen komen. Dit blijkt uit de eerste Monitor cliëntondersteuning van het RIVM.

Het RIVM heeft in kaart gebracht hoe het er voor staat met de vraag, het aanbod, de bekendheid en kwaliteit van cliëntondersteuning in Nederland. De Monitor cliëntondersteuning is in opdracht van het Ministerie van VWS ontwikkeld. De monitor bevat cijfers uit onderzoeken en ervaringen uit interviews met onder andere cliëntondersteuners en cliënten.

Gemeenten en zorgkantoren zijn wettelijk verplicht om cliëntondersteuning aan te bieden. Toch zijn er mensen die ervoor in aanmerking zouden komen (potentiële cliënten) en er gebruik van hadden willen maken, maar dat niet hebben gedaan. Vaak komt dat omdat ze niet weten dat cliëntondersteuning bestaat (50 procent van de potentiële cliënten). Ook zijn niet alle professionals die mensen op cliëntondersteuning kunnen wijzen, zoals huisartsen en wijkverpleegkundigen, ermee bekend (46 procent van deze ‘toeleiders’). Uit gesprekken met cliëntondersteuners, cliënten en gemeenten blijkt dat een aantal zaken rond cliëntondersteuning onduidelijk zijn. Zo is het niet altijd duidelijk wat de rol van de cliëntondersteuner precies is en hoe die zich verhoudt tot andere partijen in de zorg. Bovendien komt de onafhankelijkheid van de cliëntondersteuner soms in het geding. Bijvoorbeeld als zijzelf ook besluiten of ondersteuning wordt toegekend, of bij een organisatie werken die zelf zorg aanbiedt.

De Beroepsvereniging van Cliëntondersteuners heeft een aanvullend onderzoek gedaan en een reactie op het monitor-rapport geschreven, waarin zij stelt dat de bekendheid van cliëntondersteuning veel te laag is, en dat de invulling van de functie zo divers is dat er geen sprake is van een universeel recht voor burgers. Ook belemmert de diversiteit heldere communicatie over de functie.

Contact